Het schuin dak

Heel wat mensen kiezen ervoor om hun schuin dak zelf te isoleren. Dit is dikwijls een van de zwakke punten tijdens een blowerdoortest. Je kan de luchtdichtheid verbeteren door ervoor te zorgen dat:

De ramen

Sommige bouwers letten bij de plaatsing van de ramen extra op de luchtdichtheid, bijvoorbeeld door multiplex kaders of speciale folies te gebruiken. Helaas is dat niet in elke woning het geval.

Maar er is nog een tip om de luchtdichtheid van ramen te verbeteren. Je kan de binnenranden van het raamprofiel afkitten (de plaats waar het raam tegen de muren en vloer komt). Hier zijn soms kleine spleetjes te zien. Vele kleintjes maken een groot, is een belangrijk motto bij een blowerdoortest.

Vergeet niet om ook aandacht te spenderen aan de omkasting van rolluiken.

De buitendeuren

Binnendeuren worden tijdens de blowerdoortest niet meegerekend, omdat deze moeten openstaan. De buitendeuren hebben wel een invloed. Zorg dat er een tochtborstel aanwezig is en dat deze correct functioneert.

Muurdoorvoeren

De kans is groot dat er allerlei leidingen van binnen naar buiten lopen. Denk bijvoorbeeld aan een elektriciteitskabel voor buitenverlichting of een waterleiding voor een buitenkraantje. Om een goede luchtdichtheid te garanderen, is het best om de ruimte rond deze muurdoorvoeren af te kitten.

Heb je ook wachtleidingen naar buiten voorzien? Maak deze dan luchtdicht voor de test. Denk ook aan de energiebocht die de woning binnenkomt.

Elektriciteit

Doorvoeren doorheen de buitenmuur voor bijvoorbeeld buitenverlichting of elektrische zonnewerking worden best afgekit. Ook inbouwschakelaars en -stopcontacten kunnen voor luchtlekken zorgen wanneer ze met de spouw in verbinding staan (holle blokken). Zeker bij houtskeletbouw dient ook hieraan aandacht besteed. Het gebruik van luchtdichte inbouwdozen voor holle wanden kan hierbij ook helpen. Deze inbouwdozen zijn in alle doe-het-zelf-winkels te verkrijgen.

Het valse plafond

Het werken met valse plafonds heeft zeker grote voordelen naar plaatsing van technieken als ventilatie, maar kan ook zorgen voor bijkomende luchtlekken die erg moeilijk op te lossen zijn. Vóór de plaatsing van de valse plafonds dienen namelijk alle bezettingswerken op de muren te zijn beëindigd en moet het pleisterwerk zijn afgewerkt tot aan de echte draagstructuur van het bovenliggende verdiep of dak. Wordt daarentegen eerst het valse plafond geplaatst, vooraleer de finale pleisterwerken starten, dan is de zone boven het valse plafond niet voorzien van een luchtdichte afwerking en zal een relatief groot luchtverlies ontstaan langsheen de openingen in het valse plafond (bv voor inbouwspots).

De plinten

Het plaatsen van plinten zorgt voor een betere afwerking van de woning. Omdat het pleisterwerk doorgaans tot op enkele centimeters van de vloerpas wordt aangebracht (om opstijgend vocht tegen te gaan) is deze onderste zone vaak niet voorzien van een luchtdichte afsluiting. Door de plinten op een goede manier te bevestigen, kan een luchtdichte afwerking bekomen worden.